AVC Aix-en Provence (2004-2005), Camargo Roper (2006), Discovery channel Marco Polo Cycling Team (2007)
|
Cocktails en Chocoladesaus
Dat was het dan. Mijn wielercarričre zit erop. Over en sluiten. Tien jaar
lang heeft mijn leven in het teken gestaan van mijn fiets. Veel meer dan
trainen, slapen en eten deed ik niet. Vierentwintig uur per dag, zeven dagen
per week, driehonderdenvijfenzestig dagen per jaar. Geen succes zonder
structuur en regelmaat. Mijn sociale leven was niet groter
dan dat van schipbreukeling op een vlotje in de Stille Oceaan. Het aantal
keren dat ik na elf uur nog niet op mijn bed lag, zijn op de vingers van een
hand te tellen. Bij feestjes van vrienden en familie kreeg ik niet eens meer
een uitnodiging. Iemand die er niet is, kun je net zo goed niet inviteren.
Trouwens, zo’n gezellige gast was ik sowieso niet. Na drie spa blauw was ik
meestal weer weg. De smaak van chocola, ijs, patat en
chips ben ik inmiddels vergeten. Die van spaghetti, rijst, müesli en bananen
allerminst. Ik heb het afgelopen decennium zoveel pasta gegeten, dat ik zal
moeten afkicken van de ravioli, de tagliatelle en de bolognesesaus. Het hoeft niet meer. Geen spaghetti
bij het ontbijt. Geen stapels pannenkoeken meer. Geen liters yoghurt met
bananen en cornflakes. Niet langer hoef ik zenuwachtig naar
de klok te kijken als de wijzers richting de elf kruipen. Geen spa blauw of
cafeďnevrije cola light op feestjes. Geen zere benen van de training meer.
Geen vitaminepillen. Verkouden of niet: het maakt niet meer uit. Dus ook
geen angst voor de airconditioning, de snotterende kleuter van de buren of
een hoestende medepassagier in de trein. Zevenentwintig ben ik. In de kracht
van mijn leven. Spieren als kabels op mijn benen, dikke aders onder mijn
dunne, gladde huid. Fietsen is als ademen. Zo makkelijk, zo snel, zo gewoon.
Ik probeer het te beseffen. Het zal nooit meer zo zijn. Vanaf nu gaat het
bergafwaarts. Nog even en ik zal moeten stoempen, harken en hijgen als een
gewoon mens. De tegenwind zal zoveel harder waaien. De bergen zullen zoveel
steiler zijn. Het is mooi geweest. Ik heb de wereld
gezien dankzij mijn fiets. Ik heb gekoerst in landen waarvan ik me de naam
niet eens kan herinneren. Tegen kleine renners met grote namen en grote
renners met kleine namen. Ik heb gewonnen. Gejuicht vanuit de
puntjes van mijn kleine tenen. Ik heb verloren. Gehuild als een klein kind.
Bezeten was ik. Geobsedeerd.
Verslaafd ook. Het is over nu. Morgen is er geen koers meer. De laatste
etappe van de Ronde van Hainan was mijn laatste wedstrijd. Afscheid nemen op
een paradijselijk eiland voor de kust van Hong-Kong: er zijn
afschrikwekkender oorden denkbaar. Peinzend kijk ik uit over zee vanuit
de strandbar van het hotel. Vanaf vandaag ben ik wielrenner af. Morgen hoef
ik niet meer te trainen. De alcohol van de cocktail die voor me op de bar
staat, zakt langzaam in mijn benen. De palmen wuiven naar me. Het lijkt
alsof ze me uitzwaaien. Als ik mijn drankje op heb, bestel ik een nieuwe. En
een sorbet met chocoladesaus erbij. Ik streel over mijn benen en voel de
stoppels. De aftakeling is begonnen. Thijs Zonneveld, november 2007 Vier jaar
wonen en koersen in Frankrijk, Spanje en de rest van de wereld:
|