Home

Biografie

Nieuws

Uitslagen

Programma

Foto's

Links

Gastenboek

Contact

27 april
Tsjongejongejongejongejonge.

Woensdag. 15.54uur. Sms van Thijs. "Uit koers. Iemand reed van achter in derailleur. Geen reservefiets. alle andere auto's reden me voorbij. Ook neutrale. Voel me zo k**." 

Tsjongejongejongejongejonge. Woensdag. 15.55uur. Een briesende Thijs aan de telefoon. Inhoud laat zich raden. Pol bovendien ook nog eens gevallen.

Vuelta a Extremadura. Eindelijk weer een etappekoers met klimmen op het programma. De strakke uitslag in Düren afgelopen zondag (4e, kopgroep van 5) bevestigde wat Thijs al een paar weken voelde: vorm. Het leek een mooi opwarmertje voor Extremadura. Thijs had er zin in.

En dan dit.

Laat maar.

Die vorm dus maar sparen voor de Rondes van Overijssel en Japan...

Column uit het Leidsch/Haarlems Dagblad (10 april)

De Vlaamse Hoogmis

Je hebt wielrennen en wielrennen. In de meeste landen is wielrennen slechts een sport. Een mooie sport misschien, maar niet meer dan dat. In België, vooral in het Vlaamse gedeelte, ligt dat anders. Wielrennen is er geen sport. Wielrennen is een religie. Een manier van leven. Wielrennen is God.

Het land is bezeten van de fiets. Van de koers. Van de stoempers, de stakkers en de stumperds, die zich het snot voor ogen rijden voor de honderdzesenzestigste plaats in de kermiskoers van Oppelgem. Van de Flandriens, de vedetten en de helden die over de kasseien van de Muur van Geraardsbergen rijden alsof het dropjes zijn. Van de kloeke knechten, de stoere sprinters en de armzalig achterblijvers. En van Tom Boonen uiteraard, die groter is dan de koning, de paus en Allah bij elkaar.

Van de bruine benen. De fonkelende fietsen. Van de strakke pakjes met kleurencombinaties die pijn doen aan de ogen. Van de blitse zonnebrillen, die de angst en onzekerheid in de ogen van de renners camoufleren.

Van de geur van tijgerbalsem op de dijen van de coureurs. Die van de vette frieten van de frituurkot. Het parfum van de bloedmooie rondemiss. Van de bloemen in de zegetuil. De schuimende pinten uit de tap van het café op de hoek. Van het zweet ook. En van de stront.

Van rijden op het kantje. Van sterven in het wiel. Van de splijtende demarrage en de vlijmscherpe sprint. Van de chasse-patate en het kaarsje dat uitgaat. Van de man met de hamer. Van de vloek na de finish. En van de armen in de lucht.

Van de Ronde van Vlaanderen: de climax van het jaar, de Vlaamse Hoogmis - op eerste Paasdag nog wel. Van het feest van miljoenen gelovigen, die rijdendik langs het parcours staan om een glimp op te vangen van de processie van langsvliegende apostelen. Zwijmelende bakvissen, die slechts oog hebben voor het achterwerk van Tom Boonen. Oude mannetjes, die met hun tandeloze gebitten onverstaanbaar heroïsche verhalen uit een ver verleden opdiepen. Kortgerokte plaatselijke schonen, die de renners diep in de finale een laatste stoot testosteron toedienen met hun nietsverhullende outfit. Hondstrouwe supporters, die dronken van geluk of de pinten over de weg zwalken.

Ze geloven. In de steile klimmetjes met de mooiste namen. In de Berendries. De Kapelmuur. De Tenbosschestraat. De Oude Kwaremont. En in de Paterberg.

In de kasseien, de steentjes, de klinkers en het macadam. In de slingerende weggetjes, het glooiende Vlaamse landschap en de strakke zuidwester die het peloton aan stukken slaat. In de koude miezerregen. En in de waterige lentezon.

In de kuiten van Boem-boem Boonen. De turbodijen van Cancellara. In de stoppelbaard van de Zwarte van Brakel. In de regenboogtrui van De Krekel. In de tranen van Leif Hoste. In het verdriet van Vlaanderen. En in de brede lach van Allesandro Ballan.

Ik heb genoten, afgelopen zondag, van de Hoogmis. Mijn god, ik heb genoten. Ik geloof. Amen.

Reageren? Laat een berichtje achter in het gastenboek...

Column uit Leidsch Dagblad (19 maart verschenen)

Koffie in Gucciland  

Ik kon de verleiding niet weerstaan. De zilvergrijze kussens op de stoelen van het zonovergoten terras leken me te roepen. Ik rook de koffie. Uit alle macht probeerde ik hun stemmen in mijn hoofd te negeren. Zonder succes. Mijn stuur sloeg rechtsaf, voeten klikten uit de pedalen en mijn billen nestelden zich op het zilvergrijs. Ik had nog geen uur getraind.

Mijn schuldgevoel woog echter niet op tegen de aangename warmte van de zon. Loom zakte ik onderuit. Ik wenkte de serveerster en bestelde een espresso. Ik besloot het er van te nemen. Trainen kan altijd nog. Hoe vaak kun je nu op een terras zitten in Nederland?

De tafeltjes om mij heen werden bezet door vrouwen van middelbare leeftijd. Zonder uitzondering met gebotoxte lippen, een geplamuurd gezicht en een Gucci-zonnebril in de geblondeerde haren. Ik realiseerde me dat ik me in hartje Wassenaar bevond. Zonder aardappel in de keel koopt men hier geen huis. Een kopje koffie hooguit, al was het op het randje van het toelaatbare, getuige de dodelijke blik die de serveerster wierp op mijn bezwete wielerkloffie. Transpireren is not done in Wassenaar, en zeker niet op een racefiets. Op het hockeyveld misschien, en in de sauna.

Ik negeerde de dodelijke blik, vouwde mijn handen achter mijn hoofd en sloot mijn ogen. Glimlachend luisterde ik naar de gesprekken van mijn buren. De twee dames rechts van mij praatten volledig langs elkaar heen. Ze schenen het zelf niet te merken.

"Ik zeg nog zo, Har: ik trek het niet meer. Ik wil van je scheiden." Guccibril 1 nam een slok van haar rosé.

"Een boekenclub! Nou zeg ik je: ik heb nog nooit een boek gelezen!" Guccibril 2 hapte in haar salade met eendenborst.

"Ik ben een vechter, hoor. Maar zo'n huwelijk heb ik nog nooit meegemaakt."

"Moest uitgerekend ík het eerste boek kiezen!"

"Har is een schat, daar niet van. Maar in bed..."

"Ik zeg: Sonja Bakker telt zeker niet?"

"Maar wat moet ik met de kids?"

"Nee hoor, het moest zonodig literair zijn."

"Har wil ze niet."

"En Sonja is blijkbaar geen literatuur."

"Misschien kan ik ze wel bij mijn moeder kwijt..."

"Nou zeg ik je: wat is dan literatuur?"

"Dan kan ik lekker van de week naar Saint Tropez."

"Sonja heeft anders heus wat te melden hoor!"

"Even uitblazen! En shoppen, ben ik wel aan toe."

Een wolk dreef voor de zon. De plotselinge kilte die over het terras viel blies het kippenvel op mijn ontblote armen en ik ontwaakte uit mijn zomerslaap. Tijd om te trainen. Met een zucht rekende ik mijn espresso (à €4,90) af bij de chagerijnige serveerster en pakte mijn fiets. De twee Guccibrillen vielen stil. Fluisterend zei de meest blonde: "Ik vind het maar ordinair, die wielrijders in hun strakke pakjes." Haar kloon aan de overkant van de tafel knikte. "Maar hij heeft wel een lekker kontje!" Toen ik wegfietste, rustten hun blikken op mij. Ik voelde me vies.

Reageren? Laat een berichtje achter in het gastenboek...


Nieuwsindex 2007

Nieuwsindex 2006

Nieuwsindex 2005

Nieuwsindex 2004

Nieuwsindex 2003